Nederlands 1000 · Werkwoord
Meenemen naar een andere plek, voor iemand anders.
Bijvoorbeeld: Ik breng de kinderen naar school.
Zo niet: 'Halen' is de andere kant. Je gaat iets pakken en komt ermee terug.
Notitie: to bring; to take (somewhere) · /ˈbrɛŋə(n)/